Op werkdagen vóór 15 uur besteld, dezelfde dag verzonden. Gratis thuisbezorgd vanaf €50,-

Suikers en alle alternatieven die er op de markt zijn, zijn een mega hype en een constante bron van discussie tussen wetenschappers, voedingsdeskundigen, diëtisten, gewichtsconsulenten, vitaalcoaches, universiteiten en allerlei bloggers. En ook al heb ik gezegd dat ik geen oordeel ga vellen over goed of slecht, zelfs als ik het zo zorgvuldig mogelijk formuleer zullen er mensen over me heen vallen die gaan beweren dat dit of dat geen feit is maar een aanname of is weerlegd door professor zo & zo.

Als het over deze alternatieve zoetstoffen gaat, vallen er woorden van sluipmoordenaar tot reddende engel en van puur gif tot het nieuwe goud. Van afmaken tot ophemelen en dat is op
zijn zachtst gezegd eng en alarmerend.

Daarom verdiend deze categorie het dat er feiten op een rijtje worden gezet.

De officiële definitie van E-nummers is:
Een E-nummer is een code voor een stof die binnen de Europese Unie toegelaten is als additief in voedingsmiddelen die bedoeld zijn voor menselijke consumptie.

Er zijn inmiddels 360 van die e-nummers en veel ervan staan helemaal niet ter discussie. Het zijn natuurlijke stoffen die je misschien wel dagelijks eet. Veilig, niks om je zorgen over te maken, goed getest en alleen een aanduiding voor de industrie en de consument zodat we met ons allen precies weten wat er bedoeld wordt.

Maar dan komen we bij de E-nummers voor zoetstoffen en dan laaien de discussies op.
We hebben het dan over de nummers E950-969 en E420-421.